Een bankspaarhypotheek bestaat uit twee onderdelen. Aan de ene kant gaat u een hypotheeklening aan met uw bank. Aan de andere kant sluit u in deze hypotheekvorm een geblokkeerde rekening af, waarmee u kapitaal kunt opbouwen om uw hypotheeklening aan het einde van de looptijd te kunnen aflossen. Bij banksparen bestaan twee rekeningvormen die gekoppeld kunnen worden aan uw hypotheeklening: de Spaarrekening Eigen Woning (SEW), waarbij kapitaal opbouwt door te sparen en het Beleggingsrecht Eigen Woning (BEW), waarbij u kapitaal opbouwt door te beleggen.

Kiest u voor de variant Spaarrekening Eigen Woning, dan wordt een geblokkeerde spaarrekening gekoppeld aan uw hypotheeklening. Hierbij doet u periodieke stortingen om kapitaal op te bouwen. U ontvangt als spaarder gewoon rente over uw kapitaal en deze is even hoog als uw hypotheekrente. Dit kan voordelig zijn, maar ook nadelig – een verhoging de hypotheekrente betekent automatisch minder aflossing, terwijl een lage hypotheekrente minder rendement betekent. Tevens is de vermogensopbouw in deze vorm belastingvrij. Een andere bijkomstigheid bij de SEW is het gegarandeerde eindkapitaal, waardoor als aan het eind van de looptijd de spaarrekening gedeblokkeerd wordt, u uw hypotheek in één keer kunt aflossen.

Bij de variant Beleggingsrecht Eigen Woning wordt een geblokkeerde beleggingsrekening gekoppeld aan uw hypotheeklening. Ook hierbij doet u periodieke stortingen waarmee uw kapitaal opgebouwd wordt. Echter wordt bij deze variant uw kapitaal gebruikt om te beleggen in beleggingsfondsen. De keuze voor verschillende beleggingsfondsen is hierbij afhankelijk van uw risicoprofiel. Doordat uw vermogen belegd wordt loopt u een beleggingsrisico, waarbij dus de mogelijkheid bestaat dat uw kapitaal aan het einde van de looptijd niet voldoende blijkt te zijn voor de aflossing van uw hypotheeklening.